
Snel antwoord. Wie goederen van buiten de EU in Nederland invoert, betaalt invoer-btw in principe op het moment van import en kan deze, voor zover recht op aftrek bestaat, pas op een later moment terugvragen via de reguliere btw-aangifte. Door gebruik te maken van de artikel 23 Vergunning vervalt die voorfinanciering: de invoer-btw wordt in de periodieke aangifte aangegeven en in dezelfde aangifte weer afgetrokken, voor zover recht op aftrek bestaat. Nederlandse ondernemers kunnen de vergunning zelf aanvragen. Buitenlandse ondernemers moeten daarvoor een fiscaal vertegenwoordiger aanstellen.
Inhoud
Waarom invoer-btw geld kost
Invoer van goederen van buiten de EU is voor de btw een belastbaar feit. De btw wordt berekend over de douanewaarde, vermeerderd met onder meer douanerechten en de kosten van vervoer en verzekering tot de eerste plaats van bestemming in Nederland (artikel 19 Wet op de omzetbelasting 1968). Zonder vergunning betaalt de importeur die btw aan de douane, op het moment dat de goederen in het vrije verkeer komen.
Een ondernemer die belaste prestaties verricht, mag die btw weer aftrekken. Dat gebeurt alleen pas in de eerstvolgende btw-aangifte, en het geld komt terug als de Belastingdienst de teruggaaf uitbetaalt. Tussen betalen en terugkrijgen zitten al snel enkele maanden. In die periode zit de btw vast in het werkkapitaal van de onderneming.
Wat de artikel 23 Vergunning oplost
Artikel 23 Wet op de omzetbelasting 1968 zorgt ervoor dat de invoer-btw niet aan de douane hoeft te worden betaald op het moment van invoeren, maar dat deze wordt verlegd naar de periodieke btw-aangifte. De importeur geeft de invoer-btw aan in de reguliere btw-aangifte en trekt hetzelfde bedrag in dezelfde aangifte af als voorbelasting, voor zover hij recht op aftrek heeft. Per saldo wordt er dan niets betaald en niets teruggevraagd, een louter papieren transactie dus.
De btw blijft wel gewoon verschuldigd. Het verschil zit hem echter in de timing: de periode waarin de onderneming de belasting voorschiet of voorfinanciert, verdwijnt. In de btw-aangifte wordt de verlegde invoer-btw in rubriek 4a aangegeven, en het aangegeven btw-bedrag wordt via rubriek 5b van de btw-aangifte weer in aftrek gebracht.
Lees meer bij de Belastingdienst over de verleggingsregeling bij import uit niet-EU-landen (artikel 23).
Een rekenvoorbeeld
Een groothandel voert per maand voor € 500.000 aan goederen in, inclusief vrachtkosten en douanerechten. Bij een tarief van 21% is dat € 105.000 btw per maand, ofwel € 1.260.000 per jaar. Stel dat tussen de betaling aan de douane en de teruggaaf gemiddeld tweeënhalve maand ligt. Dan zit er doorlopend zo’n € 262.500 (€ 6.000.000 × 21% × 2,5 / 12) vast in het werkkapitaal.
Wanneer de groothandel beschikt over een artikel 23 Vergunning valt dat bedrag vrij. Hoe groot het effect in uw situatie is, hangt af van het invoervolume, uw aangiftetijdvak en de betalingsregeling die u met de douane hebt.
Voor wie werkt de verlegging?
Nederlandse ondernemers
Een in Nederland gevestigde ondernemer, of een buitenlandse onderneming met een vaste inrichting in Nederland, kan de vergunning zelf aanvragen bij de Belastingdienst. De voorwaarden staan in artikel 18 van de Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968. Kort gezegd: u voert regelmatig goederen in, uw administratie laat eenvoudig zien hoeveel btw bij invoer verschuldigd is, en u doet aangifte per maand of per kwartaal.
Buitenlandse ondernemers
Een onderneming die niet in Nederland is gevestigd en hier geen vaste inrichting heeft, kan de vergunning niet zelf aanvragen. Daarvoor moet de buitenlandse ondernemer een fiscaal vertegenwoordiger aanstellen.
Er zijn twee vormen van fiscale vertegenwoordiging.
Een fiscaal vertegenwoordiger met beperkte vergunning. In de praktijk is dit meestal de expediteur. Deze neemt de invoer en de opvolgende levering op in zijn eigen aangifte, onder zijn eigen btw-nummer.
Een fiscaal vertegenwoordiger met algemene vergunning. De buitenlandse onderneming heeft haar eigen Nederlandse btw-nummer. De fiscaal vertegenwoordiger vraagt namens haar de artikel 23 Vergunning aan en draagt zorg voor alle Nederlandse btw-verplichtingen (artikel 33g Wet op de omzetbelasting 1968).
Port Sight Tax biedt algemene fiscale vertegenwoordiging aan via haar dochteronderneming Taxander B.V.
Hof Den Haag oordeelde in januari 2026 dat de verplichting om een fiscaal vertegenwoordiger aan te stellen in een bepaalde situatie discriminatoir is (ECLI:NL:GHDHA:2026:139). Die zaak ligt bij de Hoge Raad. Tot die beslist, blijft de verplichting in de praktijk gelden. Als hier meer bekend wordt, zullen wij daar in een aparte bijdrage aandacht aan besteden.
Lees ook: The Netherlands as the Gateway to the European Union.
Waar het in de praktijk misgaat
De aangifte ten invoer moet worden gedaan op de naam en het btw-nummer waarop de vergunning staat. Gebruikt de douane-expediteur een ander nummer, dan kan de verlegging niet worden toegepast en wordt de btw alsnog bij invoer geheven. Dat vraagt om duidelijke afspraken met de expediteur, vooral als er meerdere partijen in de keten zitten.
Daarnaast kan de inspecteur een vergunning intrekken, bijvoorbeeld als de administratie niet op orde is of als er aanwijzingen voor fraude zijn bij de vertegenwoordigde ondernemingen. Over de gronden voor intrekking wordt nog geprocedeerd (conclusie A-G Ettema, ECLI:NL:PHR:2025:274), maar het risico is reëel. Een schone administratie en tijdige aangiften zijn dus geen formaliteit.
Tot slot verandert de verlegging niets aan het aftrekrecht. Wie goederen invoert voor vrijgestelde activiteiten, bijvoorbeeld in de zorg, betaalt het niet-aftrekbare deel via de aangifte in plaats van aan de douane. Het moment van betalen schuift op, de kostenpost blijft.
Port Sight Tax helpt u invoer-btw te beheersen
Wij rekenen voor u door wat een artikel 23 Vergunning oplevert, vragen de vergunning aan en richten de administratie en de afspraken met uw expediteur zo in dat de verlegging ook werkelijk wordt toegepast. Voor ondernemingen van buiten de EU treden wij via Taxander B.V. op als algemeen fiscaal vertegenwoordiger. Wilt u weten wat dit voor uw goederenstroom betekent? Plan een vrijblijvend adviesgesprek.
Bekijk ook onze expertise in omzetbelasting.
Lees ook: Btw verleggen: wanneer verplicht en wat zijn de risico’s.
Veelgestelde vragen
Een vergunning van de Belastingdienst waarmee u de btw bij invoer niet aan de douane betaalt, maar aangeeft in uw periodieke btw-aangifte. In dezelfde aangifte trekt u die btw weer af, voor zover u recht op aftrek hebt.
Nee. Een onderneming zonder vestiging of vaste inrichting in Nederland heeft daarvoor een fiscaal vertegenwoordiger nodig. Een algemeen fiscaal vertegenwoordiger vraagt de vergunning namens haar aan.
Nee. De btw blijft verschuldigd. Het voordeel zit in uw liquiditeit: u hoeft de btw bij invoer niet meer voor te financieren.
Ja. Goederen die u met verlegging invoert, kunt u daarna tegen het nultarief leveren aan ondernemers in andere EU-lidstaten, mits aan de voorwaarden voor een intracommunautaire levering is voldaan. Lees meer over wanneer btw wordt verlegd.
Veelgestelde vragen over dit onderwerp
Xander Wamelink
Xander is een ervaren btw-specialist met een lange staat van dienst in de indirecte belastingen.
Vrijblijvend Adviesgesprek
Meer weten over dit onderwerp? Boek een gratis consult met een van onze specialisten.


